Ga naar inhoud

Nieuws

3 februari 2026

RWZI bron voor beoogd ZLT-net Hilversum-Oost

Restwarmte uit de rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) in Hilversum-Oost is een potentiële duurzame bron voor een ZLT-net voor 2500 huishoudens. De gemeente Hilversum tekende afgelopen november een intentieovereenkomst met het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht, woningcorporaties de Alliantie, Dudok en G&O, en warmtebedrijf Firan. Dit jaar zal in het teken staan van verder onderzoek naar de technische haalbaarheid van het plan en de businesscase. In 2027 volgen verdere voorstellen.

 

Hilversum heeft in 2021 vanuit de Transitie Visie Warmte twee pilotprojecten aangewezen. De jarenzeventig bloemkoolwijk De Meent wordt inmiddels al stap voor stap aardgasvrij met behulp van kleinschalige bodemnetten. Voor Hilversum-Oost valt het oog op de restwarmte uit de RWZI. Huibert Boer, senior beleidsadviseur energietransitie bij de gemeente en verantwoordelijk voor het opstellen van het warmteprogramma, ziet de twee projecten als ‘bewijslastprojecten’ voor het gebiedsgericht aardgasvrij maken “en het invullen van onze gemeentelijke rol daarin”. Hilversum heeft geen verbrandingsoven, raffinaderijen of kansrijke potentie voor geothermie, vervolgt hij. “Dan kristalliseert zich vrij snel een beeld uit dat je afhankelijk bent van laagwaardige omgevingswarmte.”

Voor compacte wijken als Hilversum-Oost lijken de individuele lucht-water warmtepompen dan niet de oplossing met de laagste nationale kosten. “Bovendien is de individuele warmtepomp in dichtbebouwde gebieden een uitdaging, met in elke straat om de zes meter een buitenunit aan de gevel en de gevolgen voor het elektriciteitsverbruik en stuurbaarheid van dat verbruik.” Boer verwacht daarom dat een collectief bronnet met wko’s voor een flink deel van de stad als oplossing met de laagste nationale kosten uit de bus komt. “Dat durf ik met 80 à 90 procent zekerheid al wel te zeggen.”

 

Brontemperatuur?

Daar zit nog veel finetuning in. Wordt de brontemperatuur individueel opgewaardeerd of per appartementengebouw? Wat te doen qua aanvoertemperatuur met een hofje met moeilijk te isoleren woningen? Is er in woningen wel ruimte voor een warmtepomp met buffervat? Kortom: “De backbone zal ZLT zijn, de afgifte naar de woningen locatie-specifiek.”

Een MT-net met centrale warmtecentrale is evenwel geen wenselijke optie voor de gemeente Hilversum. Boer: “De warmteverliezen bij 70 graden distributie zijn aanzienlijk hoger. Nadeel is ook: als je 70 graden warmte levert, ga je die woningen geen koeling bieden. Die woningen dragen dan niet bij aan de regeneratie van je net. Het wordt echt locatie-specifiek kijken naar wat nodig is. Daarbij hebben we oog voor de lange termijn exploiteerbaarheid. En dan is bijdrage aan regeneratie wel een hele belangrijke factor.”

 

Uitbreiding

De restwarmte uit de RWZI zal niet genoeg zijn voor de rest van de wijk – Hilversum-Oost is groter dan de genoemde 2500 woningen. Boer ziet richting de toekomst kansen voor koppelingen met andere bronnen als oppervlaktewater, een ander rioolsysteem, een datacenter of een supermarkt. De principes van een 5e generatie warmte- en koudenet “sturen het denken”. “Daarbij kan je alle beschikbare warmte inkoppelen die rendabel is. Een supermarkt is nooit de beslissende factor in de systeemkeuze, maar als je die systeemkeuze hebt gemaakt dan wil je alle warmte die waardevol is inkoppelen. De RWZI is dan een bron van serieus formaat – 2500 woningen. Een supermarkt is in volume minder groot, maar met een temperatuurniveau van 20 tot 25 graden wel weer interessant.”

 

Corporatiewoningen versus particulier bezit

Het projectgebied bestaat voor 50 tot 80 procent uit corporatiewoningen. Particulieren in het gebied worden direct meegenomen in de plannen. De gemeente heeft al ervaring opgedaan met particulier aanbod in De Meent, zegt Paul van der Pol, strategisch adviseur voor de energietransitie.

Corporatie G&O heeft in die wijk flink woningen verkocht, waardoor er gespikkeld bezit is. “We zijn nu bezig om particulieren een aanbod te doen gelijkluidend aan het aanbod dat de huurders van de corporatie krijgen. Dat wordt door De Warmte Maatschappij aangeboden aan de particuliere eigenaren. Zo zie je dat de twee projecten elkaar versterken en qua leerervaring helpen.”

 

Warmtevraagreductie

De corporaties in Hilversum-Oost zijn aan de slag met het verduurzamen van woningen. Daarin zit ook maatwerk, ziet Van der Pol. Hoe ver ga je? “Dat is best interessant met een exploitant in de vorm van Firan als integraal warmtebedrijf en de eigenaren.”

Een uitdaging ook, voor zowel huurders als particulieren, is dat de stimulans voor warmtevraagreductie zowel in gedrag als in investeringen overeind blijft, noemt Boer. “Bij klassieke tariefstructuren van warmtenetten met een hoge BAK, hoog vastrecht en een relatief lage gigajoule-prijs, is tweederde van de kosten niet meer beïnvloedbaar. Dan wordt het echt een moeilijker verhaal als je begint met een woning die nog een hoge warmtevraag heeft. Hoe krijg je die dan nog omlaag? Onze rolneming in het organiseren van deze hele keten is dat we zorgen dat de prikkels de goede kant op blijven staan en we invloed houden op de eindgebruikerskosten van onze inwoners.”

 

Hartslag voor de uitvoering

Komend jaar staat in het teken van uitwerking van de plannen. Een aanjager voor de uitvoering is er ondertussen wel, benoemt Van der Pol. Door een geplande grote rioolrenovatie moet in het hele gebied de straat open. “Dat geeft een hartslag aan waarin we mee zullen moeten, om in ieder geval de transportleidingen te kunnen leggen. Door recente ontwikkelingen – waaronder netcongestie – merk je binnen gemeenten momentum om integraal te gaan denken als het over dit soort ingrepen in het gebied gaat. Ik merk dat er ambtelijk veel meer beeld komt bij wat er moet gebeuren om de gebouwde omgeving aardgasvrij te krijgen en ook de noodzaak wordt gezien om daarin te acteren. Dat vind ik echt wel een verandering.”

Auteur: Paul Diersen